Welkom

Welkom op ons blog! Dit blog is gecreëerd voor het vak Kunstzinnige Oriëntatie, wat wij volgen aan de Pabo op Hogeschool Leiden. De opdracht is als volgt:
Er zijn (animatie)films die geschikt zijn als cultureel-kunstzinnige activiteit voor kinderen in de middenbouw/bovenbouw. Wij gaan a.d.h.v. de film 'Finding Nemo' twee kunstdisciplines (vakken) aan de orde stellen en daarvoor gaan we een lespakket ontwerpen. Het lespakket zal gaan bestaan uit een drietal onderdelen; een theorieles vooraf, een kijkwijzer ter plaatse en een praktijkdeel nadien, rondom de gekozen cultureel-kunstzinnige activiteit.

Sjoukje is verantwoordelijk voor het schriftelijk vooronderzoek, Senna richt zich op het beeldend onderzoek, Annemieke maakt de theorieles en de kijkwijzer, en de praktijkopdrachten komen van Maaike.
Als alles volgens de planning loopt zal het deel van Sjoukje en Senna op 22 oktober 2009 afgerond zijn. Het deel van Annemieke en Maaike staat gepland voor 5 november 2009. Op 12 november 2009 staat de presentatie voor onze klas op de kalender.

donderdag 5 november 2009

Praktijkles

Praktijkles: Drama onder water

Groep 7/8

Inleiding:
Deze les vergt veel zelfstandigheid en samenwerking van de kinderen. Deze les is daarom zeer geschikt voor het Jenaplanonderwijs. Het toneelstuk kan dan in een weekafsluiting opgevoerd worden.

Voor deze les wordt de klas in groepjes verdeeld. Al deze groepjes samen gaan een toneelstuk in elkaar zetten. Het mooiste is als iedereen kan doen wat hij/zij het leukst vindt.

De schrijvers: Er moet natuurlijk een toneelstuk geschreven worden. Het verhaal moet gaan over de onderwaterwereld en er moet een thema in zitten. Zoals bij Nemo, dat vriendschap belangrijk is. Dat je je kinderen moet kunnen loslaten zodat ze kunnen opgroeien. Het thema mogen de kinderen zelf verzinnen.

De acteurs: Deze groep gaat het toneelstuk uiteindelijk uitvoeren en werkt nauw samen met de schrijvers.

De decorbouwers: Deze groep maakt alles wat met het decor te maken heeft. De kostuums van de vissen, de achtergrond en wat er verder nodig is.

De liedjesschrijvers: Deze groep schrijft een lied dat aan het eind van het toneelstuk door iedereen wordt gezongen. Ook zoeken zij muziek uit voor tijdens het toneelstuk. Eventueel schrijven zij een lied voor een ander moment in het toneelstuk.

De documentairemakers: Tijdens de voorbereidingen kunnen zij een weblog maken met ‘the making off’. Als het toneelstuk af is kunnen zij het filmen. Dit kunnen hooguit twee kinderen doen en ze moeten heel handig zijn met computers en technische apparatuur.

Voorbereiding:
Voordat er groepen zijn gemaakt is het belangrijk om het hele idee uitgebreid klassikaal te bespreken zodat iedereen weet wat er allemaal moet gebeuren en waar het over gaat.

Laat zoveel mogelijk ideeën uit de klas komen. Eigenlijk is het enige dat jij als leraar inbrengt dat het toneelstuk zich afspeelt op de bodem van de zee. Vraag aan de kinderen wat het thema moet zijn en hoe het verhaal zou moeten gaan. Schrijf ideeën waar de klas het mee eens is op het bord.

Bespreek hoe je een vis speelt en wat voor kostuum je daarvoor nodig hebt. Mijn idee is grote kartonnen dozen, dubbel klappen, visfiguren uitknippen/snijden, daarna beplakken met papiermaché voor de nodige textuur en daarna verven. Als je hier dan twee hengsels aan maakt kan je die om je schouders hangen en de vis dragen.

Het lied moet natuurlijk het thema/de moraal van het toneelstuk over brengen. Misschien willen de kinderen iets doen met een red de oceanen/ koraalrif thema. In dat geval kan er een stevig strijdlied gemaakt worden. Er kan gekozen worden voor de melodie van een bestaand lied en daar de woorden van veranderen.

Pas als helemaal duidelijk is wat de bedoeling is, worden de groepen samengesteld. Deel in eerste instantie iedereen in in de groep van zijn/haar keuze. Als blijkt dat er een groep te weinig kandidaten heeft bespreek dit en zoek samen met de kinderen naar een oplossing. Het is bij deze opdracht heel belangrijk dat de kinderen veel inbreng hebben, samen kunnen werken, kunnen overleggen en samen tot oplossingen van het probleem kunnen komen.

Beeldend probleem:
Het beeldend probleem van deze opdacht is: Hoe maken we met zijn allen een mooi uitziend, goed lopend toneelstuk met een moraal die de kinderen aanspreekt?

Aan de slag:
Als alle groepen verdeeld zijn kunnen ze aan de slag. De schrijvers en de acteurs werken nauw samen, anders hebben de acteurs in de begin fase niks te doen. Wellicht zijn er uiteindelijk meer acteurs nodig en moeten er schrijvers acteurs worden. Dat moeten de schrijvers en acteurs zich van te voren wel realiseren. De leraar gaat alle groepen langs om te kijken of hij/zij hier en daar een beetje op weg moet helpen. De kinderen werken heel zelfstandig maar de leraar is altijd in de buurt voor advies.

De kinderen hebben wel wat tijd nodig voor deze opdracht, toch zit hier wel een limiet aan. Het is geen schoolverlatersmusical. Voor deze opdracht staan 4 weken en het toneelstuk mag niet langer zijn dan 30 minuten.

Veel succes en vooral veel plezier!

4 opmerkingen:

  1. Deze reactie is verwijderd door de auteur.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hé Maaike,
    Het kost even, maar dan heb je ook wat... Ofwel erg leuke lessen. Ik denk dat onze Guido zich hier wel in kan vinden. De eerste allinea van de opdracht van groep 7/8 zou ik aanpassen. Want deze opdracht is niet alleen erg geschikt voor Jenaplan scholen het is geschikt voor alle scholen. Ook is het misschien wat kort door de bocht om er een week afsluiting van te maken. Daarvoor is het project te groot. Misschien meer een thema afsluiting. Maar dat zijn details. Ik vond het heel goed.

    groet,
    Sjoukje

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Maaike, Ik heb je lessen even snel bekeken! Wat een leuke lessen! Ziet er goed uit. Leuk idee met dat zout op de ecoline voor het creeëren van koralen! Volgens mij was het de bedoeling dat we de lessen voor de midden-/bovenbouw zouden ontwerpen, dus daarom kies ik voor het lesidee voor groep 7/8 dat je hebt gemaakt. Maar het lijkt mij dat de decorbouwers van groep 7/8 de ideeën van je les voor de onderbouw zeker ook goed zouden kunnen gebruiken. Je moet de 2 praktijklessen (met een evt. vervolgles) volgens mij ontwerpen voor 1 groep. De les die jij gemaakt hebt zou je misschien moeten splitsen in 2 á 3 lessen. Ik vind het echter wel goed dat er bij jouw idee in kleine groepjes aan een bepaald onderdeel wordt gewerkt. Als je het verdeelt in verschillende lessen, werk je soms met te grote groepen voor een onderdeel. Je zou als dramales het toneelstukje kunnen laten maken met de klas gesplitst in acteurs en de scenarioschrijvers. Dan heb je het decorbouwen en het maken van de kostuums dat je als BV-les zou kunnen. Daarnaast nog de muziekles waar het lied gemaakt wordt (door tekstschrijvers,muzikanten/muziekschrijvers).
    groetjes, Annemieke

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Ik sluit mij aan bij de laatste reactie. Het project is veel te groot zo in één keer. Eén beeldend probleem (zoals je nu hebt beschreven) in een toneelstuk bestaat niet! Probeer het geheel onder te verdelen in kleinere deelopdrachten. Alleen al vissenmaskers of kostuums maken met een beeldend probleem als uitgangspunt is een uit te schrijven les op zich. Je hoeft overigens maar 1 à 2 deelopdrachten uit te werken voor deze KO-opdracht.

    BeantwoordenVerwijderen